Leraren basis- en voortgezet onderwijs.
Leerlingen in de leeftijd van 4 tot en met 18 jaar.
Orthopedagogen en psychologen van de productgroep primair onderwijsproces voeren klinische diagnostiek uit bij leerlingen in de leeftijd van 4 tot en met 18 jaar.Op basis van vragen van leraren uit het onderwijs wordt een hulp- c.q. onderzoeksvraag geformuleerd. Deze onderzoeksvraag bepaalt welke onderzoeksmiddelen worden gebruikt voor het onderzoek. In de vervolgtekst wordt steeds gesproken over de onderzoeker; daarmee wordt de orthopedagoog of psycholoog bedoeld.
Inhoud:
Afnemen van psychologisch onderzoek.
Advisering en begeleiding op basis van resultaten onderzoeksgegevens.
De onderzoeksmiddelen zijn:
Observatie in de groep
De onderzoeker komt in de klas en kijkt goed naar het gedrag van de leerling in relatie tot andere leerlingen en de leraar van de groep. Een observatieverslag wordt gemaakt.
Gebruik van video-interactie
In bijzondere situaties worden video-opnamen gemaakt. Veelal bepalen onderzoeker en leraar samen de situaties die worden opgenomen en van belang zijn voor verder onderzoek of begeleiding/behandeling.
Gesprek(ken) met het betrokken kind
Afhankelijk van de leeftijd van het kind praat de onderzoeker met het kind. Dat kan in de groep gebeuren via participerende observatie of in een andere ruimte.
Gesprek met de ouders
Het is soms nodig dat niet alleen informatie wordt verkregen over hoe het kind zich op school gedraagt. Het is zeer van belang om meer over de thuissituaties te weten. Ouders worden uitgenodigd om op school te komen praten met onderzoeker (en leraar).
Het afnemen van didactische of psychologische test
Zie vervolgtekst.
Het verwerven van informatie bij andere begeleidende of adviserende instanties
Afhankelijk van de vraagstelling en de geschiedenis van de leerling kan er bij andere instanties informatie aanwezig zijn. Het is van groot belang dat deze informatie wordt verkregen voordat een leerling wordt onderzocht. Immers, voorkomen moet worden dat aan leerlingen twee keer dezelfde test wordt afgenomen of dat een leerling meer onderzocht wordt dan strikt noodzakelijk is.
Resultaten:
Onderzoeksrapportage.
Inzicht verkrijgen in bijzondere capaciteiten van leerlingen.
Inzicht verkrijgen in niet gemiddeld functioneren van leerlingen.
Over psychologische testen.
Naast het afnemen van intelligentietests (Wisc-RN, Rakit, Wppsi) worden ook persoonlijkheidstests gebruikt (Columbus, Familie Relatie Test, Zinnen Aanvul Test).
Klinische diagnostiek betekent dat het onderzoek individueel plaats vindt. De orthopedagoog of psycholoog gaat samen met de leerling in een aparte ruimte op school zitten en neemt vervolgens de test af.
Het verloopt (meestal) als volgt:
- school en ouders weten wanneer het onderzoek wordt afgenomen
- verwacht wordt dat ouders en leraar de leerling hebben verteld wat er gaat gebeuren
- de onderzoeker haalt de leerling zelf op uit de klas of de leraar brengt de leerling naar de onderzoeksruimte
- de onderzoeker stelt de leerling op zijn gemak; afhankelijk van de leeftijd van de leerling wordt of een spelletje gedaan of even samen gesproken
- leerling en onderzoeker gaan samen aan het werk
- tijdens het onderzoek wordt regelmatig een babbeltje gemaakt om de leerling op zijn gemak te laten zijn/blijven
- als het onderzoek is afgelopen, wordt de leerling door de onderzoeker weer naar de leraar teruggebracht.
Meteen na het onderzoek is het niet goed mogelijk aan te geven wat het vermoede resultaat zal zijn. Kortom, de onderzoeker neemt de gegevens mee en werkt het onderzoek uit. Daarna wordt een verslag van het onderzoek gemaakt en in tweevoud naar de school verzonden, één exemplaar voor school en één exemplaar voor de ouders.
Tijdsinvestering:
Variabel.
Meer informatie:
Contactpersoon:
drs Leo Verschuren

0182 556456
Bijzonderheden:
Toestemmingsverklaring ouders.
Voordat een psychologisch onderzoek wordt afgenomen, tekenen ouders een toestemmingsverklaring.
Ouders tekenen in deze verklaring dat de leerling onderzocht mag worden en dat het verslag zowel aan school als aan ouders wordt toegelicht. Daarnaast tekenen ouders ervoor dat, wanneer gewenst, onderzoeksinformatie met andere deskundigen mag worden gedeeld. Hiermee beoogt MHR in het kader van verwijzen naar andere instanties snel en afdoende te kunnen werken, zodat geen tijdverlies ontstaat.